In het kort:
- Load balancing verdeelt het beschikbare vermogen over de laadpunten die op dat moment actief zijn.
- Statische balancing werkt met een vaste grens, dynamische balancing kijkt live mee met het gebouwverbruik.
- Een aansluiting van 3x80A met circa 30 kW beschikbaar voor laden kan zo tien of meer laadpunten bedienen.
- Prioriteitsregels per gebruiker maken het verschil: wie snel weg moet krijgt vermogen, wie blijft staan laadt langzamer.
- Leg kabels meteen zwaarder aan dan je nu nodig hebt, dan is een latere verzwaring geen graafproject.
Load balancing is het automatisch verdelen van beschikbaar laadvermogen over meerdere laadpunten. In plaats van elk punt zijn maximale vermogen te geven, krijgt het systeem een budget en verdeelt dat over de auto's die er op dat moment staan. Daardoor kun je vaak veel meer laadpunten plaatsen dan je aansluiting op papier toelaat.
Waarom het werkt
Het uitgangspunt is simpel: laadpunten worden zelden allemaal tegelijk op vol vermogen gebruikt. Auto's komen en gaan, staan verschillend lang stil en hebben verschillende laadbehoeftes.
Wie zonder balancing rekent, telt alle laadpunten bij elkaar op hun maximum op. Die optelsom vraagt vrijwel altijd om een verzwaring. Wie met balancing rekent, gaat uit van gelijktijdig gebruik, en dat scheelt een factor.
In de praktijk kan een aansluiting van 3x80A met circa 30 kW beschikbaar voor laden tien of meer laadpunten bedienen met slim load management, zolang niet alle punten tegelijk maximaal vermogen vragen.
Statisch of dynamisch
Er zijn twee smaken, en het verschil is groot.
Bij statische load balancing krijgt het laadsysteem een vaste bovengrens mee. Het verdeelt binnen dat budget, maar houdt geen rekening met wat de rest van je bedrijf doet. Veilig, maar je laat capaciteit liggen.
Bij dynamische load balancing wordt een energiemeter op je hoofdaansluiting uitgelezen. Het systeem ziet live hoeveel vermogen je gebouw verbruikt en gebruikt alles wat overblijft voor laden. Draait de productie op volle toeren, dan zakt het laadvermogen. Is het rustig of is het nacht, dan gaat het omhoog. Zo benut je je aansluiting maximaal zonder ooit je hoofdzekering te belasten.
Voor een bedrijf met een wisselend verbruikspatroon is dynamisch vrijwel altijd de betere keuze.
Prioriteiten instellen
De volgende laag is bepalen wie voorgaat. Een medewerker die over een uur weer weg moet heeft een ander belang dan een bus die tot morgenochtend blijft staan.
Goede laadsystemen kunnen daarop sturen: voorrang op basis van vertrektijd, van voertuigtype of van gebruikersgroep. Bezoekers krijgen bijvoorbeeld gegarandeerd vermogen, terwijl het eigen wagenpark de restcapaciteit gebruikt. Zo blijft het laadplein bruikbaar, ook als het krap is.
Praktisch: vraag bij offertes altijd of het systeem dynamisch meet op de hoofdaansluiting, en of je prioriteiten kunt instellen. Dat zijn de twee functies die bepalen hoeveel je uit je aansluiting haalt.
Waar de grens ligt
Load balancing verhoogt je capaciteit niet, het verdeelt hem beter. Er is dus een punt waarop het ophoudt.
Dat punt bereik je als de totale energiebehoefte niet meer in de beschikbare uren past. Twintig bestelbussen die 's nachts twaalf uur stilstaan zijn goed te doen. Twintig bussen die tussen twaalf en een uur allemaal moeten bijladen niet. Dan heb je echt meer vermogen nodig, of opslag om de piek op te vangen.
Wat er verder mogelijk is bij een vol net staat in ons artikel over laadpalen en netcongestie.
Bouw nu voor later
Een laatste punt dat later veel geld scheelt. De kabels in de grond zijn het duurste en meest ingrijpende deel van een laadplein, niet de palen.
Leg je infrastructuur daarom meteen zwaarder aan dan je vandaag nodig hebt. Als je aansluiting over drie jaar wel verzwaard kan worden, is het dan een kwestie van een grotere zekering in plaats van opnieuw de bestrating open. Zeker in een congestiegebied, waar je toch in de rij staat, is dat de verstandige volgorde: infrastructuur klaarleggen, aanvraag indienen, en ondertussen slim laden binnen wat je hebt.
Veelgestelde vragen
Wat is load balancing precies?
Het automatisch verdelen van beschikbaar laadvermogen over de laadpunten die op dat moment in gebruik zijn, zodat je binnen de capaciteit van je aansluiting blijft zonder dat het laden stopt.
Wat is het verschil tussen statische en dynamische load balancing?
Statisch werkt met een vaste bovengrens voor het laadsysteem. Dynamisch leest live de hoofdaansluiting uit en gebruikt alle capaciteit die je gebouw op dat moment niet nodig heeft. Dynamisch levert in de praktijk meer bruikbaar vermogen op.
Hoeveel laadpunten kan ik plaatsen met load balancing?
Dat hangt af van je beschikbare vermogen en van de standtijd van de voertuigen. Een aansluiting van 3x80A met circa 30 kW beschikbaar voor laden kan tien of meer punten bedienen als niet alles tegelijk vol vermogen vraagt.
Gaat mijn hoofdzekering eruit door laadpalen?
Met een goed ingesteld load balancing systeem niet. Het systeem verlaagt het laadvermogen automatisch zodra de rest van het gebouw meer vraagt.
Kan ik voorrang geven aan bepaalde gebruikers?
Ja. Veel systemen kunnen sturen op vertrektijd, voertuigtype of gebruikersgroep, zodat bijvoorbeeld bezoekers of voertuigen die snel weg moeten als eerste vermogen krijgen.
Wanneer is load balancing niet meer genoeg?
Als de totale energiebehoefte niet meer in de beschikbare laaduren past, bijvoorbeeld bij korte standtijden of snelladen. Dan is meer vermogen of opslag nodig.
Twijfel je of het past?
Of je laadplan binnen je huidige aansluiting past hangt af van je verbruikspatroon, je standtijden en de capaciteit op jouw locatie. Neem contact op, dan kijken we vrijblijvend mee.